De bewogen jaren van de Springbok

South African Airways (SAA) is, samen met Kenya Airways, één van de weinige luchtvaartmaatschappijen van het Afrikaanse continent die niet op de zwarte lijst van de Europese Unie staat. Toch is de Zuid-Afrikaanse luchtvaartmaatschappij lang niet welkom geweest in veel Europese landen, de VS en Australië. Niet omdat het niet goed zou zitten met de veiligheid, maar omdat de ‘Suid-Afrikaanse Lugdiens’ tot 1990 de nationale luchtvaartmaatschappij was van het apartheidsregime. aviavliegwereld.nl/.be dook in de recente geschiedenis van de nationale luchtvaartmaatschappij van Zuid-Afrika.

In 1997 introduceerde South African Airways haar huidige corporate identity waarmee het officieel afscheid nam van haar oranje-wit-blauwe kleurenschema, gebaseerd op de Zuid-Afrikaanse vlag zoals die was tijdens het apartheidsregime. Daarmee gaf de maatschappij aan een nieuwe weg in te slaan en symbool te staan voor het ‘nieuwe’ Zuid-Afrika, waarin geen plaats meer was voor rassenscheiding. Jarenlang was de luchtvaartmaatschappij het visitekaartje geweest van het apartheidsbewind, wat er in 1986 toe leidde dat de Verenigde Staten en Australië de maatschappij toegang tot hun luchtruim ontzegden.

Het apartheidsregime vond zijn wortels in het beleid dat de Nasionale Party (NP) in 1948 in het land invoerde. Onder het bewind van deze partij hadden blanken meer rechten dan zwarte Afrikanen en werd de overheid uitsluitend gevormd door blanken. Ook bij de Suid-Afrikaanse Lugdiens werden uitsluitend blanken aangenomen, omdat de maatschappij via de Afrikaanse Spoorwegen in handen was van de Zuid-Afrikaanse overheid. De koppeling tussen SAA en de spoorwegen, opererend onder de naam Transnet, werd pas in 2006 – ver na de afschaffing van de apartheid – uit financieel oogpunt losgelaten.

Een Boeing 747-200 in de kleuren van SAL medio jaren '70. De zwarte band rondom de cockpit en over de neus van het vliegtuig werd in de rest van de wereld ook wel eens de 'bandietenband' genoemd, maar het kleurenschema moest eigenlijk een springbok symboliseren. Foto © SAA Museum.

Begin jaren ’60 werd het apartheidsregime verder aangescherpt en werden er voor zwarte Zuid-Afrikanen zogenaamde ‘homelands’ aangewezen, aparte regio’s waar zij afgezonderd woonden van de blanke bevolking. Deze rassenscheiding door de Verenigde Naties in 1961 streng veroordeeld. In 1963 riep de VN haar leden op de wapenhandel met het land stil te leggen en vanaf 1973 ook om alle andere betrekkingen te bevriezen. Dit leidde er toe dat eind jaren ’80 23 landen handelssancties hadden getroffen tegen Zuid-Afrika, in de hoop hiermee druk te zetten op de regering van toenmalig premier Pieter Willem Botha.

Veel landen stelden niet alleen een handelsembargo in, maar weigerden ook vliegtuigen die in Zuid-Afrika geregistreerd stonden in hun luchtruim. Dit gold voor nagenoeg alle landen op het Afrikaanse continent en vanaf 1986 ook voor de Verenigde Staten en Australië. Doordat de maatschappij niet over Afrika kon vliegen, was het genoodzaakt rondom het continent te vliegen op haar vluchten naar Europa. Dit leidde niet alleen tot een langere vliegtijd ten opzichte van veel concurrenten, maar zorgde er ook voor dat er extra tankstops gemaakt moesten worden in onder andere Las Palmas, Funchal en Luanda – tot dat land in 1976 onafhankelijk werd en de maatschappij eveneens begon te boycotten.

De maatschappij huurde vanaf 1953 een Comet 1 van BOAC (British Overseas Airways Corporation, de voorloper van British Airways, red.). Ondanks dat dit vliegtuig relatief snel was, had het een zeer beperkte actieradius. Hierdoor moesten er richting Europa alsnog vijf tussenstops worden gemaakt. De komst van de Boeing 707 in 1960 loste dit probleem deels op, maar door de Afrikaanse boycot kostte het alsnog ruim 13 uur om Europa te bereiken.

Een definitieve oplossing voor dit probleem diende zich in 1974 aan, toen SAA een order plaatste bij Boeing voor zes Boeing 747SP’s. Deze, op het eerste gezicht iets te ver ingekorte, versie van de 747 had een enorm vliegbereik en kon op haar afleveringsvlucht non-stop van Paine Field naar Johannesburg vliegen. Met de ingebruikname van dit type vliegtuig konden veel bestemmingen zonder tankstop(s) aangevlogen worden.

De ingebruikname van de Boeing 747SP zorgde ervoor dat veel bestemmingen non-stop aangevlogen konden worden. Dit ondanks het een overvliegverbod van veel Afrikaanse landen. Foto © SAA Museum.

De komst van de Boeing 747-300 zorgde ervoor dat er nog meer Europese bestemmingen rechtstreeks aangevlogen konden worden. Begin jaren ’80 vloog de maatschappij naar Londen, Parijs, Brussel, Amsterdam, Frankfurt, Zürich, Wenen, Lissabon, Madrid, Rome, Milaan, Athene, Manchester, New York, Houston, Perth, Sydney, Taipei, Hong Kong, Tel Aviv, Rio de Janeiro en Buenos Aires. Met het invoeren van de VN-sancties enkele jaren later werden veel Europese bestemmingen geschrapt, alsmede de bestemmingen New York, Houston, Perh en Sydney.

Van ongewenst tot beste luchtvaartmaatschappij van Afrika

Wat veel mensen niet weten, is dat de vliegtuigen van South African Airways door de Zuid-Afrikaanse overheid waren aangewezen als ‘internationale faciliteit’, waardoor er aan boord niet aan rassenscheiding werd gedaan. Ook veel hotels werden aangewezen als internationale faciliteit, waardoor er geen onderscheid werd gemaakt tussen blank en zwart. Niet-blanke reizigers werden aan boord van SAA dus hetzelfde behandeld als blanke reizigers. Niet-blanke reizigers uit een ander land dan Zuid-Afrika werden in Zuid-Afrika gezien als ‘honorary whites’. Dit omdat vooral veel Aziatische landen investeerden in Zuid-Afrika – en de regering deze investeerders niet wilde wegjagen uit het land.

Alhoewel het personeel van de maatschappij tot medio jaren ’80 uitsluitend uit blanken bestond, werd er al voor de afschaffing van de apartheid op kleine schaal begonnen met het werven van ‘gekleurd’ cabinepersoneel. Met de afschaffing van de apartheid en de vrijlating van Nelson Mandela in 1990, kregen ook zwarte Afrikanen de kans om voor de luchtvaartmaatschappij te werken. Thans bestaat, volgens opgaaf van South African Airways, het personeel voor 51% uit gekleurde of zwarte Afrikanen, maar het aantal niet-blanke vliegers blijft met een aandeel van 3% nog enorm achter bij dit geheel.

Al snel na het afschaffen van de apartheid door toenmalig premier Frederik Willem de Klerk, werd South African Airways niet langer meer gezien als ‘bandietenmaatschappij’ en werd het vliegverbod over het Afrikaanse continent opgeheven. Dit verkorte de vliegtijd naar veel bestemmingen enorm. De maatschappij was eveneens weer welkom in de Verenigde Staten en Australië en al snel kreeg het award na award als beste luchtvaartmaatschappij van het Afrikaanse continent. Mede door haar lange isolement was de maatschappij aangewezen op zichzelf voor onderhoudswerkzaamheden aan haar vliegtuigen, waardoor het een zeer gespecialiseerde en bekwame technische dienst heeft. De maatschappij geldt thans als één van de veiligste van Afrika.

De vloot van de maatschappij heeft vandaag de dag een gemiddelde leeftijd van 9.7 jaar en bestaat uit 11 Airbus A319’s, 1 Boeing 737-200, 2 Boeing 737-300’s, 16 Boeing 737-800’s, 2 Airbus A330-200’s, 6 Airbus A340-200’s, 8 Airbus A340-300’s, 9 Airbus A340-600’s en 1 Boeing 747-400 die de maatschappij als back-up aanhoudt. De oudere A340-200 en -300’s worden op dit moment vervangen door nieuwe A330-200’s.

Op 11 februari 2011 nam South African Airways haar eerste Airbus A330-200 in ontvangst. In afwachting van ofwel de Boeing 787 of Airbus A350 vervangt dit vliegtuig de komende jaren de oudere Airbus A340-200 en -300's. Foto © Airbus.

    Reageer

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.